Gebruik fase
Faalfenomeen
Oorzaakanalyse
Eliminatiemethode
Installatie en inbedrijfstelling
Niet alle kleppen kunnen worden geopend, maar het stuurventiel functioneert wel.
Controleer of de luchtdruk niet te laag is.
Luchtlekkage
Sommige kleppen werken niet, andere kleppen functioneren normaal.
Terugslagklepaansluiting en spoel
Vervangingsonderdelen
Niet alle kleppen kunnen worden gesloten en er kan geen luchtlekdruk worden opgebouwd.
De klepinlaat bevindt zich tegenover de sproeikop.
Opnieuw installeren
Sommige kleppen kunnen niet worden gesloten en er is een lek.
Er zijn onzuiverheden geadsorbeerd op het membraan en de bewegende ijzeren kern zit vast.
Reinig het membraan en controleer of de ijzeren kern en de gasplug volledig bewegen.
De klep sluit langzaam.
Membraangasklep Kong Shoudu
Baggermembraanopening
Tijdens het gebruiksproces
Bij sommige kleppen lekt het membraan, waardoor de defecte klep normaal sluit.
Als de onzuiverheid zich aan het membraan hecht, zal de beschadigde kern vast komen te zitten.
Reinig het membraan, controleer het membraan, controleer de bewegende kern en de gasplug, en vervang de onderdelen tijdig.
Spoel doorgebrand
Langdurig elektriserend
Controleer de werking van het besturingssysteem.
Er staat spanning op, maar de klep reageert niet.
Beschadiging van het middenrif of verstikking van Kong Shoudu
Tijdige vervanging van accessoires
De omgevingstemperatuur is laag en de klep lekt of kan niet worden geopend.
De omgevingstemperatuur is te laag en er is ijsvorming in de klep.
Besteed aandacht aan het behoud van warmte.
Geplaatst op: 12 november 2018



